Historie-hoek: Woorden van Fed-voorzitter uit 1996 en 2004 weergalmen in 2020

Onlangs moest ik tot twee keer toe denken aan twee legendarische uitspraken van voormalig Fed-baas Alan Greenspan. Biede bleken een voorbode te zijn van bijzondere gebeurtenissen op de financiële markten.

Op 5 december 1996 gingen de aanwezigen bij een evenement van het American Enterprise Institute in Washington er eens goed voor zitten. Alan Greenspan, voorzitter van de Fed, begon aan zijn toespraak, getiteld The challenge of central banking in a democratic society.

De toehoorders hoopten uiteraard op uitspraken over toekomstig Fed-beleid, maar gezien de titel was die kans niet zo heel groot. Die kans slonk verder toen Greenspan in de eerste minuten terug ging naar 1896 en daarna zelfs 1832.

Aan de hoge kant

In de tweede helft van zijn verhaal sprak Greenspan de bekende woorden uit, toen hij zich hardop afvroeg hoe we kunnen weten of irrationele uitbundigheid de activaprijzen niet bovenmatig opgestuwd heeft.

Beleggers zagen irrationele uitbundigheid meteen voor wat die woorden waren: een duidelijke waarschuwing dat de koersen wel eens aan de te hoge kant kunnen liggen. En 23 jaar later, op 27 januari 2020, betrad Yves Mersh, een bestuurslid van de Europese Centrale Bank (ECB), het podium op een bijeenkomst in Luxemburg.

Het leek een versie van Greenspan’s toespraak uit 1996 te worden. Aan de titel, Asset price inflation and monetary policy konden de aanwezigen aflezen dat de toespraak over activaprijzen zou gaan, maar door de ervaring met toespraken van de ECB-bestuurders was de kans groot dat de inhoud nietszeggend zou zijn.

Uitgerekte prijzen

Mersh bleek een uitzondering op de regel te zijn. Meteen aan het begin sprak Mersh van signalen dat monetair beleid beleggers ertoe aanzet meer risico te nemen en daarmee bijdraagt aan verhoogde activaprijzen.

Iets later noemde hij die activaprijzen uitgerekt en de stijging ervan opvallend. Sommige activaprijzen zijn zelfs historisch zeer hoog. Voor centrale bankiers zijn dat redelijk schokkende termen. Het bleef daar echter niet bij.

De gestegen activaprijzen zijn te wijten aan de langetermijn trend van dalende rentes, die te verklaren is aan de hand van een aantal factoren, zoals vergrijzing, meer sparen in ontwikkelingslanden en een hogere risico-aversie.

Nieuwe concurrent

“Maar de zorg blijft dat de stijging van de activa- en huizenprijzen buitensporig is en het resultaat is van een uitzonderlijk lange periode van extreem ruim monetair beleid,” aldus Mersh.

“Activaprijzen bevinden zich momenteel op behoorlijk verhoogd niveau en het risico op een correctie nemen toe,” was de laatste zin van Mersh’s toespraak, alsof hij daarmee elke twijfel wilde wegnemen over wat hij met zijn opmerkingen eerder in de speech bedoelde.

Het zou me niet verbazen als waar irrational exhuberance en whatever it takes meteen wereldberoemd werden, de de activaprijzen kunnen wel eens buitensporig hoog zijn-uitspraak van Mersh pas veel later die status krijgt.

Greenspan en Draghi hebben op 27 januari 2020 een concurrent erbij gekregen voor de titel van de meest memorabele woorden van een centrale bankier.

Het was, zoals gezegd, niet alleen wat Greenspan in 1996 zei waar ik onlangs aan moest denken. Ook iets wat hij in 2004 zei, kwam recent weer naar boven, toen ik over een nieuw belastingplan van de Amerikaanse overheid las.

Het Witte Huis smeedt namelijk plannen om beleggen in aandelen fiscaal te stimuleren. De Amerikanen zouden belastingvoordeel kunnen krijgen als ze een deel van hun geld in aandelen stoppen.

In een land waar een pensioenregeling net zo gewoon is als een eenhoorn spotten tijdens de vakantie, lijkt dat een goed plan. Op middellange termijn en zeker op lange termijn leveren aandelen natuurlijk meer op dan sparen of beleggen in obligaties.

Ik vind het ook prettig dat je als pensioenontvanger zelf kunt bepalen waar je je geld in belegt. Je kunt je laten adviseren daarbij en zo zelf de controle in handen houden. Maar toen ik dit nieuwtje las, dacht ik meteen aan timing en aan Alan Greenspan.

Rek eruit

Eerst over timing. De Amerikaanse economie groeit ruim een decennium onafgebroken en aandelenkoersen breken regelmatig records. Het kan dus zijn dat de rek inmiddels grotendeels uit de markt is.

Daarvoor zijn drie redenen:

  • Een belangrijke, zo niet de belangrijkste reden voor stijgende koersen de afgelopen jaren, was het zeer ruime beleid van centrale banken en de verwachting dat dat beleid ruim zal blijven of ruimer zal worden mocht dat nodig zijn. De centralebankput. Maar de effectiviteit van het monetaire beleid neemt af. De markt raakt er immuun voor.
  • De winstgevendheid is ook niet je van dat. Met de gevolgen van de uitbraak van het corona-virus kan het zomaar binnenkort omzet- en winstwaarschuwingen gaan regenen. Het zou mij niet verbazen als de recente omzetwaarschuwing van Apple het begin blijkt te zijn van meer soortgelijke berichten.
  • Uiteindelijk zijn, op middellange termijn, aandelenkoersen weerspiegelingen van de onderliggende economie. De kloof tussen de twee is behoorlijk toegenomen de afgelopen jaren. Die kan in theorie gedicht worden óf door een spectaculaire economische boom op niet al te lange termijn óf doordat de koersen zich aanpassen. Dat de ECB besluit te verhuizen naar Amsterdam is nog waarschijnlijker dan het eerste, in mijn ogen.

Het plan om beleggen in aandelen fiscaal aantrekkelijk te maken, lijkt vooral een wanhoopspoging te zijn de aandelenrun te verlengen. Op zijn minst tot 3 november dit jaar, de dag waarop de Amerikanen naar de stembus gaan. President Trump heeft de stand van aandelenkoersen immers meermaals uitgeroepen tot dé maatstaf voor zijn succes als president.

Variabele rente

Dat wat betreft timing. Maar waarom moest ik ook aan Greenspan denken? Zestien jaar geleden hield hij een toespraak waarin hij vol lof sprak over hypotheken met variabele rente. Greenspan zei onder meer dat Amerikanen die voor vaste rente hadden gekozen tienduizenden dollars te veel aan rente hadden betaald.

Tussen de regels door, maar op zo’n manier dat het voor een ieder duidelijk was, zei deze toonaangevende professional dat het gelukkig nog niet te laat was op de rijdende hypotheekvoordeeltrein te springen.

Greenspan spoorde landgenoten aan ARM-hypotheekleningen af te sluiten, hypotheekleningen waarop de rente niet vast ligt. In de VS hield dat in dat je als consument gedurende twee of drie jaar een vaste, zeer lage rente (als lokkertje) kreeg om vervolgens na die periode tegen aanmerkelijk hogere maandelijkse rentelasten aan te kijken.

Alarmbellen

Niet veel later kwamen Amerikanen met zulke hypotheekleningen in grote financiële problemen en samen sleurden zij de huizenmarkt mee omlaag. Dat was de subprime-crisis, die de aanzet gaf tot de ergste financiële en economische crisis sinds de Grote Depressie.

Greenspan had, als verantwoordelijke toezichthouder en kenner, moeten zeggen dat Amerikanen voordeel hadden laten liggen, maar ook dat resultaten uit het verleden geen garantie bieden voor de toekomst. Hij deed dat niet, verblind door de wens de run van de stijgende huizenprijzen te verlengen.

Het kan dus ook wel eens helemaal verkeerd uitvallen, beleggen in de VS fiscaal aanmoedigen. Hoogmoed komt voor de val, luidt een oude gezegde. Een campingrally op aandelenbeurzen ook?

Het bericht Historie-hoek: Woorden van Fed-voorzitter uit 1996 en 2004 weergalmen in 2020 verscheen eerst op OHV.

Lees hier het orginele bericht:

Categorised in: Monetair, OHV, Research

Belangrijke categorieën

%d bloggers liken dit: